De Tweede Kamer heeft ingestemd met de wetsvoorstellen voor de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten. Met deze goedkeuring zet Nederland een belangrijke stap in het versterken van de digitale en fysieke weerbaarheid tegen een toenemend aantal dreigingen. Minister Van Weel van Justitie en Veiligheid benadrukt dat cyberdreigingen inmiddels dagelijkse realiteit zijn en niet langer een theoretisch risico. De nieuwe wetgeving moet organisaties beter voorbereiden en in staat stellen sneller te reageren op incidenten.
De Cyberbeveiligingswet vormt de Nederlandse implementatie van de Europese NIS2-richtlijn en vervangt de huidige Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen. Deze wet richt zich op het verhogen van het niveau van cyberbeveiliging bij organisaties die een cruciale rol spelen in de economie en samenleving. Organisaties moeten zelf bepalen of zij onder de wet vallen en krijgen te maken met verplichtingen zoals zorgplicht, meldplicht en registratieplicht. De overheid adviseert om nu al maatregelen te treffen, omdat de risico’s waarop de wet inspeelt al aanwezig zijn.
Daarnaast is er de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten, gebaseerd op de CER-richtlijn van de Europese Unie uit eind 2022. Deze wet beschermt vitale infrastructuur en essentiële diensten tegen uiteenlopende dreigingen, waaronder sabotage, terrorisme en natuurrampen. In tegenstelling tot de Cyberbeveiligingswet wordt door de verantwoordelijke vakminister vastgesteld welke organisaties als kritisch worden aangemerkt en onder deze wet vallen.
Na de goedkeuring in de Tweede Kamer volgt de behandeling in de Eerste Kamer, die beslist over het verdere verloop en de uiteindelijke invoering. De regering streeft naar een gelijktijdige inwerkingtreding van beide wetten in het tweede kwartaal van 2026, afhankelijk van de parlementaire voortgang. Meer informatie over de stemming is te vinden via de officiële berichtgeving van de Rijksoverheid.
Reacties
Geef een reactie
Vereiste velden zijn gemarkeerd met *