De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) uit kritiek op de huidige aanpak van schuldenproblematiek door overheidsinstanties en andere organisaties. Volgens de toezichthouder blijft bij vroegsignalering de bescherming van persoonsgegevens vaak achter, waardoor de privacy van betrokkenen in het geding komt.

Vroegsignalering houdt in dat organisaties zoals woningverhuurders, drinkwaterbedrijven, energieleveranciers en zorgverzekeraars gemeenten waarschuwen wanneer klanten hun rekeningen langere tijd niet betalen. De gemeente kan vervolgens hulp aanbieden. De AP stelt echter dat deze signalering steeds vaker ongekaderd en onvrijwillig plaatsvindt. Ook worden steeds vaker kleine betalingsachterstanden als indicatie van problematische schulden gezien, terwijl de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) juist strikte voorwaarden stelt om de privacy van mensen te beschermen.

De toezichthouder waarschuwt dat het delen van gegevens buiten de wettelijke kaders leidt tot vroegsignalering die te vroeg plaatsvindt of als pressiemiddel wordt ervaren. Daarnaast weten schuldenaren vaak niet dat hun informatie wordt gedeeld, wat kan leiden tot onaangekondigde huisbezoeken door gemeenten, ook bij geringe betalingsachterstanden. Dit kan voor betrokkenen en hun omgeving als schrikken worden ervaren.

De AP heeft minister Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een brief gestuurd met aanbevelingen. Zo moet vroegsignalering niet leiden tot het opdringen van hulp en moeten mensen altijd een keuzevrijheid behouden. Ook moeten nieuwe initiatieven een wettelijke grondslag hebben en moet worden voorkomen dat te veel signalen onder vroegsignalering vallen. Bij uitbreiding van het aantal partijen die signalen mogen afgeven, moet goed worden onderbouwd waarom dit noodzakelijk is en waarom dit opweegt tegen de privacyinbreuk.