AI fungeert als katalysator voor cybercrime doordat het tempo en de omvang van aanvallen aanzienlijk toenemen, waarschuwen politie en Openbaar Ministerie (OM) in het Cybercrimebeeld Nederland (CCBN). Hoewel AI de aard van cybercrime niet fundamenteel verandert, maakt het geautomatiseerde phishing en het misbruiken van kwetsbaarheden makkelijker en sneller. Daarnaast ontstaat een nieuw risico doordat aanvallers AI-systemen en Large Language Models (LLM's) proberen aan te vallen om trainingsdata te stelen of systemen te manipuleren.

Het OM en de politie signaleren in strafzaken steeds vaker het gebruik van LLM's. Zo maakte een veroordeelde Nederlandse datahandelaar gebruik van ChatGPT om een tool te ontwikkelen die automatisch 'combolijsten' controleert, lijsten met gestolen gebruikersnamen en wachtwoorden. AI ondersteunt daarmee zowel technisch vaardige als minder ervaren cybercriminelen en wordt door de autoriteiten omschreven als het 'zwitserse zakmes' voor cybercriminelen. Dit roept belangrijke operationele en juridische vragen op, zoals of de huidige wet- en regelgeving voldoende is om effectief op te treden tegen crimineel gebruik van AI en wie verantwoordelijk is bij autonome AI-aanvallen.

Ondanks de opkomst van AI benadrukken politie en OM het belang van basismaatregelen op het gebied van cybersecurity. Organisaties kunnen hun digitale weerbaarheid vergroten door deze maatregelen prioriteit te geven, personeel te trainen tegen social engineering en hun datahuishouding op orde te brengen. Ook burgers worden opgeroepen alert te zijn op hun online consumptiegedrag. Het downloaden van allerlei apps en het aansluiten van goedkope, vaak Chinese apparatuur op het thuisnetwerk vormen een aanzienlijk risico voor de digitale veiligheid.

Verder adviseren politie en OM om bij cybercrime altijd aangifte te doen en geen losgeld te betalen, omdat dit de cybercriminaliteit alleen maar versterkt. Voor bepaalde organisaties, zoals overheidsinstanties, zou aangifte zelfs verplicht moeten worden gesteld.