De Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB), die toezicht houdt op de Nederlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten, uit zorgen over het vergaren van bulkdata door de AIVD en MIVD. In haar jaarverslag noemt de commissie deze praktijk een forse inbreuk op de grondrechten van burgers, terwijl de opbrengsten vaak beperkt blijven.

Ook in 2025 nam het aantal verzoeken om bijzondere bevoegdheden toe. Deze bevoegdheden omvatten onder meer het hacken van telefoons, het afluisteren van gesprekken, DNA-onderzoek en het doorzoeken van woningen. De TIB beoordeelt deze aanvragen kritisch, omdat zij een afweging vereisen tussen nationale veiligheid en de rechten van Nederlandse burgers. In 2025 werden 4615 verzoeken ingediend, een stijging van 4 procent ten opzichte van het voorgaande jaar, waarvan 96 procent werd goedgekeurd. De commissie verwacht dat het aantal aanvragen door de aanhoudende geopolitieke spanningen, zoals de conflicten in Oekraïne en Gaza, moslimterrorisme, rechtsextremisme en verslechterde trans-Atlantische betrekkingen, ook in 2026 zal toenemen.

Bij de geweigerde aanvragen ging het vaak om vermijdbare juridische tekortkomingen, zoals onvoldoende onderbouwing of ontbrekende informatie. In 1,3 procent van de gevallen bleef een aanvraag na aanvulling alsnog ongegrond, wat neerkomt op ongeveer één keer per week. De TIB benadrukt in haar verslag met name de surveillancepraktijken waarbij onschuldige burgers onbedoeld worden betrokken, bijvoorbeeld mensen in de omgeving van een doelwit of het massaal aftappen van internetverkeer.

De commissie stelt dat de omvang van deze bulkdata-inzameling niet gerechtvaardigd is en dat de hoge verwachtingen die de diensten ervan hadden, niet worden waargemaakt door de resultaten. Er is volgens de TIB nog altijd weinig concrete relevante opbrengst, terwijl de hoeveelheid verzamelde en geanalyseerde data door steeds meer teams binnen de diensten toeneemt. De toezichthouder onderstreept dat het bewaken van de balans tussen grondrechten en nationale veiligheid essentieel is voor het functioneren van een democratische rechtsstaat.