Het onderzoek naar de omvang van de Ivanti-hack bij de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) is nog in volle gang. Staatssecretaris Van Bruggen van Justitie en Veiligheid gaf dit aan in antwoorden op Kamervragen van de PVV. Eind februari meldde onderzoeksprogramma Argos op basis van een interne brief dat hackers toegang hadden gekregen tot de Ivanti EPMM-server van DJI, waarbij gevoelige gegevens van medewerkers, zoals namen, e-mailadressen, telefoonnummers en locatiegegevens, mogelijk zijn buitgemaakt.

Ivanti Endpoint Manager Mobile (EPMM) is een softwareoplossing voor mobile device management (MDM), waarmee organisaties mobiele apparaten van medewerkers op afstand kunnen beheren, bijvoorbeeld om toegestane applicaties en beveiligingsbeleid af te dwingen. Een gecompromitteerde EPMM-server kan daardoor ernstige gevolgen hebben voor de beveiliging van de organisatie.

Van Bruggen benadrukt dat er momenteel onderzoek plaatsvindt naar de precieze omvang van de onbevoegde toegang tot de Ivanti-servers. Uit veiligheidsoverwegingen kan zij niet ingaan op welke medewerkers het onderzoek specifiek betreft. Uit voorzorg heeft DJI echter een breed handelingskader opgesteld voor alle medewerkers. Volgens de staatssecretaris lopen DJI-medewerkers vanwege de aard van hun werkzaamheden een verhoogd risico op chantage en afpersing als hun gegevens bij derden bekend worden.

Op basis van voorlopige bevindingen van het forensisch onderzoek heeft het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) een handelingsperspectief opgesteld. DJI heeft daarop maatregelen getroffen die zowel technische aanpassingen als verbeterde monitoring van (cyber)dreigingen omvatten. Na afronding van het onderzoek volgt een evaluatie en oorzakenanalyse om te bepalen welke verbeteringen nodig zijn.

Meer informatie over de stand van zaken is te vinden in de antwoorden op Kamervragen van de staatssecretaris.